Soldaten vechten slecht op lege maag

dinsdag, januari 5, 2016

Een van mijn favoriete restaurantjes ligt in Duitsland. Het restaurant is niet bijzonder, maar de schnitzels zijn goed en in de lente zijn de asperges er zelfs perfect. Op de gevel van het restaurant zit een bordje. Daarop wordt trots vermeld dat Napoleon het restaurant heeft bezocht op zijn terugtocht uit Rusland.

 

 

Wie: kolonel Dick van Ingen.

Wat: contingentscommandant in Mali.

Dat zo’n bordje op de gevel van een restaurant zit verbaast mij niet. Napoleon had een ding erg goed begrepen. Soldaten vechten slecht op een lege maag. Een belangrijke taak van de logistiek was het om te zorgen voor voldoende proviand. Wat voor de Franse soldaten meer dan 100 jaar geleden gold, geldt eens te meer voor de Nederlandse soldaat van vandaag.

Evenwicht op lokale markt

Daar waar Napoleon nog wel eens buiten de deur ging eten is dat voor ons hier niet te doen. Gao heeft op horecagebied duidelijk veel minder te bieden dan een gemiddelde West-Europese stad of dorp. En als wij hier het eten voor zo’n 450 Nederlandse militairen op de lokale markt zouden kopen, zouden we het fragiele evenwicht tussen vraag en aanbod verstoren. Vervolgens zou de bevolking van Gao lijden onder prijsverhogingen en tekorten; dat is nou net niet de bedoeling van een vredesmissie.

Sergeant der 1ste klasse Rieks controleert of het juiste fruit wordt geleverd. 

Distributiecentra van VN

De Verenigde Naties zorgen daarom voor een doeltreffend alternatief. Op het VN-Superkamp, dat naast Camp Castor ligt, staat een grote loods. In die loods met enorme koelcellen is het opslag- en distributiecentrum voor voeding gevestigd. Elke VN-missie is voorzien van soortgelijke distributiecentra die bevoorraad moeten worden en die de juiste producten aan de juiste detachementen en op de juiste tijd moeten uitleveren; een logistieke opgave van formaat.

Cateringmanagers

De verschillende landen die een detachement in Minusma hebben moeten de voeding die ze nodig hebben minimaal 2 maanden van tevoren bestellen. Dit is bij ons een taak voor de cateringmanagers: sergeant-majoor logistieke dienst verzorging Gilbert en sergeant der 1ste klasse Marcel. Zij zorgen voor het samenstellen van de menu’s en voor het bestellen en afhalen van de producten. En ten slotte voor het aansturen van het personeel van het bedrijf dat Nederland inhuurt om voor ons te koken en het eten in de eetzaal te serveren.

Aantal calorieën per militair

Dit klinkt logisch en eenvoudig, maar ik kan u verzekeren dat onze cateringmanagers een uitdagend takenpakket hebben. Het indienen van bestellingen is bijvoorbeeld aan strenge regels gebonden. Het is niet te vergelijken met boodschappen doen bij een Nederlandse supermarkt. Je kunt niet zomaar producten kopen en aan het einde afrekenen. Je hebt bij de VN slechts recht op een bepaald aantal calorieën per militair per dag, en daar mag je simpelweg niet overheen.

Daarnaast moeten de bestellingen dus 2 maanden van te voren worden gedaan. Dan is het toch lastig om in te schatten hoeveel militairen er 2 maanden later precies in het inzetgebied zijn. Hagelslag en andere typisch Nederlandse producten zitten niet in het assortiment maar ook een smaakmaker als tomatenketchup staat hier niet op tafel.

‘Boodschappen’ doen

Voor ons Nederlandse Minusma-detachement is elke zaterdag de uitleverdag van onze bestellingen. De cateringmanagers gaan dan ‘s morgens vroeg met een terreinauto en grote Scania-vrachtauto met koelcontainer naar het VN-superkamp.

Met de vorige cateringmanagers sergeant-majoor Erwin en sergeant der 1ste klasse Rieks ging ik een keer mee. Ze legden me uit dat de belangrijkste taak was de geleverde goederen te controleren aan de hand van de eerder gedane bestellingen. Daar zit namelijk nog wel eens een verschil tussen.

Sergeant-majoor Gilbert en sergeant der 1ste klasse Marcel aan het werk bij de selfmade barbecue. 

Berg van doperwtjes en worteltjes

Niet altijd is alles leverbaar, en de VN zorgt dan zelf voor vervangende producten. Zo heb ik de eerste maanden van mijn uitzending vrijwel alleen maar kip gegeten, en werken we ons op dit moment door een reuze berg doperwten en worteltjes heen. Ook was er inmiddels een enorme voorraad rauwe (cashew)noten opgebouwd, maar daar weten de nieuwe cateringmanagers Gilbert en Marcel gelukkig raad mee. Ze bakken ze in de olie en delen ze dan, nog warm, uit over het kamp. Dankzij dit soort traktaties neemt hun populariteit sprongsgewijs toe.

Maar ook over de gewone maaltijden klaagt geen van de militairen op Camp Castor. Er is elke dag fruit, soep en een overvloedige saladebar. Daarnaast is er nu ook weer voldoende afwisseling tussen de verschillende vleessoorten en de bijbehorende pasta, rijst, aardappelpuree en friet.

Met 2 koks uit India en Duitsland zit het ook met de curryschotels en Bratwurst mit Zwiebeln wel goed. En ook de yakisoba is erg geliefd. De keukenhulpen (deels uit Mali) maken zich vooral verdienstelijk op zondag. Dan eten we namelijk speciaal bereide spareribs met hamburgers of met kip. Die worden door het keukenteam onder toeziend oog van Gilbert en Marcel op de barbecue gaar gegrild.

Erwtensoep onder hete zon

Ook de afgelopen (feest)weken kenden natuurlijk een paar echte hoogtepunten. Dat begon al tijdens het bezoek van de ministers van Defensie en Financiën, die, net als de rest van het kamp, bij 30 graden op zelfgemaakte Hollandse erwtensoep werden getrakteerd. Het tweede hoogtepunt was natuurlijk het overvloedige kerstbuffet.

Net nu ik na de jaarwisseling dacht dat het allemaal weer wat minder zou worden, kondigde Gilbert (die in het dagelijks leven kookt voor de marine) aan dat hij een echte Indonesische rijsttafel gaat koken. Volgens recept uit eigen familie. U ziet, de Nederlandse militairen komen in Mali niets te kort.

Nog een paar statistieken:

Iedereen die jarig is krijgt hier een taart om te delen met zijn directe collega’s. Per maand worden ongeveer 40 verjaardagstaarten gebakken.

Elke week wordt 180 kilo brood verstrekt bij ontbijt en lunch.

We drinken op Camp Castor minstens 15.000 koppen koffie per week.

We drinken iets meer dan 700 liter melk per week.

De keukenhulpen schillen ongeveer 450 kilo aardappels per week.

Er wordt per week ongeveer 375 kilo kip verwerkt in de verschillende gerechten.

 

 

Bron en foto's :Defensie

Weersverwachting Mali